11 maart 2026
Achtergrond: Een gestoord darmmicrobioom draagt mogelijk bij aan de ontwikkeling van amyotrofische laterale sclerose (ALS), een multisystemische neurodegeneratieve aandoening die wordt gekenmerkt door het verlies van motorneuronen, andere symptomen dan alleen motorische, en een snelle voortgang. Men vermoedt dat er verbanden bestaan tussen een verstoorde darmflora, het slecht functioneren van het dekweefsel en de hersen-bloedbarrière, metabolisch onevenwicht en immunactivering, maar over de oorzaken tast men in het duister. Wij bieden een systematisch overzicht van de manier waarop het microbioom bijdraagt aan de pathogenese van ALS.
Methodes: We zochten in PubMed, Medline, Embase, Scopus, Semantic Scholar en Google Scholar (Nov 23, 2025) naar menselijke en voor ALS relevante dierenstudies die de batcteriële microbiota onder de loep namen, alsmede de integriteit van de darm- en hersen-bloedbarrières, de microbiale metabolieten en de immuuntrajecten. We gebruikten geen taal- of gegevensfilters. We pasten voorafbepaalde citeria toe op de studies en beoordeelden de kwaliteit aan de hand van QUADAS-2. We moesten de bevindingen in verhaalvorm samenvatten. Dit is te wijten aan de hetereogeniteit van van de studie-ontwerpen en de sequentiebenaderingen.
Bevindingen: 61 van de 2.397 studies beantwoordden aan de inclusiecriteria. Bij de menselijke cohorten hield ALS systematisch verband met gereduceerde microbiale diversiteit, een verschuiving van de cruciale taxaverschuivingen, en de verstoring van microbiale trajecten die vetzuren van de korte keten, het nicotinamide metabolisme en de ontstekingssignalisatie reguleren. Verscheidene mechanistische dierenstudies toonden aan dat middels het manipuleren van de microbiota middels antobiotica, fecale transplantatie of de supplementatie van beschermende taxa-gemodulateerde motorische functie, microgliale activatie, darmdoorlaatbaarheid darmverstoring de ziektetrajecten kan beïnvloeden. Daarentegen wezen longitudinale menselijke gegevens uit dat een verstoorde darmflora vaak tegelijk optrad met fysieke aftakeling, maagdarmdysmotiliteit, gewichtsverlies, en verandering van eetgewoonten. Dit suggereert dan weer secundaire effecten van de ziektevoortgang. Integratieve multi-omische studies legden een verband tussen microbiale wijzigingen met systemische cytokineprofielen, metabolische stresstrajecten en CZS-immuunfenotypes, wat de bidirectionele darm-hersen-as versterkt. Het is echter moeilijk causale verbanden te leggen door toedoen van de overwegend doorsnee-ontwerpen en de kleine omvang van de stalen.
Interpretatie: De huidige stand van het bewijs ondersteunt een model waarbij de verstoring van de darmflora verband houdt met ALS via barrièrefalen en metabolische en immunverstoring. Daaruit kunnen we echter nog niet afleiden dat een verstoorde darmflora een primaire oorzaak vormt van ALS. Preklinische bevindingen zetten van het microbioom afgeleide mechanismen met ziektewijzigend potentieel in de verf, maar de menselijke data wijzen eerder op een verband dan op een aanzet. De temporele verbanden blootleggen vereist longitudinale, multimodale studies, integratie met presymptomatische cohorten, en gecontroleerde interventionele studies. Microbioomgerichte therapieën vormen een veelbelovend maar niet-gestaafd ALS-traject.
Vertaling: Bart De Becker
Bron: Frontiers of Neuroscience Gut Brain Axis

